dinsdag 18 augustus 2015

Favoriete eat & wear adresjes in Stockholm

In het voorjaar deden we een korte citytrip naar Stockholm. Het is intussen al even geleden, maar we zetten toch nog graag onze favoriete adresjes op een rij.


Om rond te hangen
Gamla Stan ofwel ‘de Oude Stad’, het historisch centrum dus. Wij doorkruisten Stockholm vooral te voet en wandelden wat af. Dit was by far ons favoriete stadsdeel. Een labyrint van steegjes met kasseistenen en charmante straten met veel leuke winkels, gezellige cafés en terrasjes.

Om te lunchen of voor koffie & taart
Café Schweizer Konditori (Västerlanggatan 9)
Wij waren er in de namiddag en proefden de verse muntthee en chocoladetaart en dat was overheerlijk. We zagen in de koeltoog ook lekkere slaatjes en broodjes en vonden het jammer dat we al een lunch achter de kiezen hadden. De inrichting is een beetje rommelig, maar gezellig. Ook bijzonder: de muren van dit adresje staan vol met namen, herinneringen en quotes van eerdere bezoekers.



Om te shoppen
Wat is die Scandinavische stijl toch schoon … veel zachte tinten en natuurlijke materialen. Zelfs de meest banale dingen – denk keukenhanddoek of broodplankje – zien er zo mooi uit. Bij Iris Hantverk waren er bijvoorbeeld heel leuke (en praktische) interieurspullen. Bij E. Torndahl waren we verliefd op de kinderkleding en decoratie voor de kinderkamer. Je vindt beide shops ook in Gamla Stan (Västerlanggatan 24 en 63). En in de grote winkel van MILQ (Gamla Brogatan 26) stond het barstensvol leuke cadeautjes voor de thuisblijvers. Zo heeft Lora nu een lief konijnlampje van Rice op haar kamer en Kato kreeg een schattig keukenschortje voor bij het bakken.

Iris Hantverk

Kinderspullen en méér bij E. Torndahl
Om 's avonds te eten
Wij aten lekkere mosselen bij Cloud Nine Food &Cocktails (Torsgatan 1). De porties waren er wel nogal klein. En ook bij Sturehof (Stureplan 2) aten we lekkere vis op het drukke terras.








donderdag 6 augustus 2015

Citytrip op kindermaat: Nantes



Wij houden van citytrips. Helaas bleek in het verleden dat citytrips en weerbarstige peuters of kleuters niet meteen een topcombinatie zijn. Zo zagen we in Rijsel meer van de hotelkamer dan van de stad tijdens de dutjes van dochterlief, en we verlieten de stad vroeger dan gepland met een hysterisch kind op de achterbank. Ik twijfelde dus toen een collega de Franse stad Nantes tipte als ideale vakantiebestemming mét twee kleine meisjes van 1,5 en 4 jaar oud. Maar het bleek een gouden tip: we love Nantes. En wel hierom:

De groene lijn
Volg de groene lijn. Meer is er dus blijkbaar niet nodig om vierjarige meisjes aan te zetten om het iets langer dan 5 minuten vol te houden op hun loopfietsje in een stad. Le Voyage à Nantes stippelde een parcours uit dat je zowel langs de hedendaagse kunstinstallaties als de traditionele trekpleisters (kathedraal, kasteel van de hertogen van Bretagne … ) leidt. Leuk, zeker als er ook een speeltuin in de vorm van een draak of een gekke rollercoaster met terrasstoelen op de route liggen. Allebei ook kunstinstallaties overigens. Dus: volg de groene lijn op de grond!

Volg de groene lijn… en bots op een hinkelspel!

Houten draak als speeltuin

De olifant
Absolute must see als je Nantes met kinderen bezoekt is dé olifant. Les Machines de l’île is een artistiek project op de plek waar vroeger de scheepswerven van de stad waren. Wij maakten een ritje op de olifant. Maar eigenlijk is die olifant nog het meest indrukwekkend als je hem voorbij ziet wandelen en hij je nat spuit met zijn slurf. Dat vond Kato veruit het leukst. Een toertje op de Carrousel des Mondes Marins moet je zeker doen. In de zomermaanden krijg je er een gratis tweede ritje bij. Mooi en ook leuk dat je zelf de houten dieren kan doen leven: ik had best wat spierkracht nodig om mijn zeemonster te laten springen. En Kato en Lora vochten bijna om op de zeemeerminnentoeter te mogen duwen op hun boot.

Dé olifant

Carrousel des Mondes Marins

We waren er op een zondag en het was superdruk. Toch genoten we van de groene omgeving én de toffe extra’s: de bankjes in verschillende formaten van extra small tot extra large. Kato vond de bank die tegelijk wipplank was wel grappig, fietste tussen de duiven en stond verbaasd te luisteren naar het gelach (kabouters!) dat van tussen de stenen in een hoekje van de tuin weerklonk. Als afsluiter was er de grote speeltuin.

Fietsen achter de duiven en ooo… een fontein!

La Cantine du Voyage (en alles daar in de buurt)
Het voelde een beetje zoals Dok Gent of Park Spoor Noord in Antwerpen. Een zomerse plek aan het water om te eten, drinken, petanque te spelen, een ijsje te likken, … Wij relaxten er wat in de kleurrijke ligstoelen. Lunchen deden we vlakbij met een superleuke picknick langs de Loire. Wij kochten worstjes en baguette bij Les Hôtes. Daar is een speeltuin met trampolines in een soort van maanlandschap en op de picknickplek aan het water kan je zelf je worstjes op de BBQ leggen. We aten er de beste hotdog ooit. Top!


Trampoline in een maanlandschap

En u, hoe doet u dat citytrippen met kinderen? En welke steden zijn aanraders?


vrijdag 19 juni 2015

Lunch met vakantievibes

Freelancers beginnen hun dag met een latte in een hippe koffiebar, lunchen 's middags met hun andere freelancevrienden in een trendy lunchcafé en nadien gaan ze – naargelang het weer - shoppen of op een terrasje genieten van de zon. Ziehier mijn leven zoals mensen met een ‘echte job’ het zich voorstellen. Ik moet hen teleurstellen, want op een doorsnee dag kom ik mijn kot niet uit wegens deadlines, deadlines en nog meer deadlines. En als ik dan tegen 's avonds geen brood in huis heb gehaald, zegt mijn man verontwaardigd: “Maar je bent de hele dag thuis geweest.” “Gewérkt, ik heb thuis gewérkt”, sis ik vervaarlijk terug. Want tegen dan staan mijn zenuwen zo op knappen dat hij maar beter uit mijn buurt blijft.
Gelukkig zijn er ook blije dagen. Dagen waarop de zon schijnt en de deadlines me met rust laten. Vorige week had ik er nog een. Het was het ideale moment om – samen met freelancevriendin Emilie - nog eens een nieuw lunchadres uit te proberen, eentje op een boot dan nog wel. Oh wat een blije dag was dat.
De boot in kwestie ligt aan het Gentse Handelsdok, aan de overkant van DOK, en heet NOAH. Het is er een zonder beesten maar met veel lekkere quiches, croques, slaatjes en drankjes. Vorige week was het weer perfect om plaats te nemen op het dek, maar ook beneden is het aangenaam zitten: veel licht, smaakvolle inrichting, gezellig salonnetje, ... .







Je moet trouwens sowieso de trappen af om te bestellen aan de bar, wat ik niet zo handig vond. Boven kan je namelijk enkel de drankenkaart inkijken, dus moeten je tafelgenoten elk om beurten naar beneden om hun keuze te maken van het bord voor je kan bestellen. (Je kan ook samen gaan kijken, maar dan ben je misschien je tafel kwijt, zoals de dames die achter ons zaten.) Ook het slaatje bij je croque of quiche neem je zelf van het buffet beneden. De croque die ik bestelde – met hummus en geitenkaas – kreeg ik even later opgediend.


Heel lekker, met veel smaak en véél verse kruiden. Ook de cava en de homemade lemonade vielen in de smaak en maakten het blije vakantiegevoel – hapje, drankje, bootje, zon – compleet. Om die goeie vibes nog even vast te houden, gingen we nog voor een toetje: een stuk taart met abrikoos en amandelen. Dat was zo lekker dat we vergaten om er een foto van te nemen. Zelf gaan kijken en proeven dus … 's Middags of 's avonds, want dan wordt deze lunchboot een aperoboot (met hapjes en al!). Ik weet voortaan waar ik naartoe moet als ik snak naar een portie vakantievibes.

dinsdag 16 juni 2015

Belgische lingerie en mode in Bozar

Soms belandt er een uitnodiging in onze bus waar we écht niet kunnen aan weerstaan. En voor we het weten, bevinden we ons dan op de eerste rij van een indrukwekkend defilé met lingerie van Belgische makelij in de prachtige hal van Bozar. Pure Sex-and-the-City-stijl …

Het zit zo: hét Belgische lingeriemerk voor grote borsten PrimaDonna viert 150 jaar.  En ter gelegenheid van die verjaardag organiseert het merk een interactieve tentoonstelling ‘La Mémoire de l’Intime’ in Bozar. Je kan die nog tot 28 juni gratis bezoeken. De expo werd begin vorige week feestelijk ingezet met een catwalkshow. En wij waren er dus bij!



Over de show …
Wat we absoluut top vonden aan het defilé, was dat PrimaDonna echte, ‘gewone’ vrouwen met vollere vormen toonde, en dus geen gestroomlijnde modellen. Je kreeg zo meteen een goed beeld van wat de lingerie doet met je lijf. Hoe het er écht uitziet. 




Over de expo …
PR verantwoordelijke van PrimaDonna Evelyn Verstraeten gaf ons een woordje uitleg bij de expo: ‘PrimaDonna begon ooit als Duits korsettenbedrijf in 1865. Geleidelijk aan werden er naast korsetten ook beha’s gemaakt. In 1990 kwam PrimaDonna in de handen van het Belgische familiebedrijf Van de Velde. Een van de eerste vernieuwingen die Van de Velde deed, was meer kleur in de collecties brengen. Die waren tot dan vooral in sober wit en huidskleur. Ook op vlak van materialen en snitten zette Van de Velde in op innovatie.’ De introductie van lycra, microvezel, 3-D bodyscans … lingerie stond allesbehalve stil.





Het oudste korset in de expo dateert uit 1865. De stukken vormen geen chronologische tijdlijn.  ‘We maakten een selectie van de mooiste ontwerpen uit ons archief’, vertelt Evelyn.  Je ziet prachtige korsetten, stugge katoenen bh’s en slipjes uit de jaren zestig, … tot de meest recente collecties (lingerie én sinds 2014 ook badmode) met meer kleur en broderie en kant. De expo is beknopt, maar je komt er aan de hand van filmpjes en een interactieve ‘beha box’ wel wat te weten over de technische kant van lingerie maken. Best indrukwekkend! En als je met de kinderen gaat: de projectie van lingerie en vooral de knipperende oogleden op het beeld van de Venus van Milo zijn een hit ;-).

Na de show en expo van PrimaDonna bezochten wij nog de tentoonstelling 'De Belgen. Een onverwacht modeverhaal' in Bozar. Een interessant overzicht van de Belgische modegeschiedenis waarin meer dan zeventig modeontwerpers aan bod komen. Wij probeerden bij de opstelling op onderstaande foto te raden van welke ontwerper elk silhouet was. Niet makkelijk!



Info: 
De expo ‘La Mémoire de l’Intime’ van PrimaDonna is nog tot 28 juni gratis te bezoeken in de Hortahal in Bozar, Ravensteinstraat 23, 1000 Brussel. De tentoonstelling 'De Belgen. Een onverwacht modeverhaal' in Bozar loopt nog tot 13 september. Tickets: normaal tarief van 6 tot 12 euro.



zondag 14 juni 2015

Bilbao citytrip tips


We hebben een paar leuke citytrips achter de rug. Vorig jaar kwam er door babyperikelen van reizen niet veel in huis. Maar nu hebben we dat helemaal goed gemaakt ;-). Eerst was er Stockholm, daarover vertel ik een volgende keer meer. En twee weken geleden gingen we naar Bilbao. Enkele tips voor als u ook een tripje plant:

Om te logeren: Hesperia hotel (Campo Volantin 28)
Het Hesperia hotel, vlakbij de brug van Calatrava en ook dichtbij het Guggenheimmuseum, is een aanrader. De ligging aan het water is super, en het gebouw is mooi. De gevel valt op door zijn ramen in vrolijke kleuren. Wij hadden een ruime kamer met zicht op de rivier en het Guggenheim in de verte. En gelukkig was er airco, want 40 graden is écht heet. Ook de gratis wifi is een troef, zo haalde ik tussendoor mijn deadlines. En ze hebben een uitgebreid ontbijtbuffet, met o.m. vers fruit en allerhande zoetigheden.

Om iets te drinken: Bihotz (Calle Arechaga 6)
Deze bar ligt een beetje buiten het oude centrum. Maar het is de omweg waard. Héél relaxed en gezellig: vriendelijke bediening, creatieve inrichting met oude stoelen en tafels, koersfietsen aan de muur, een beetje retro hier en daar … We proefden er de biologische wijn. Verdejo … lekker! Je vindt er ook een heleboel bieren, koffie, thee, taartjes en home made ice tea. En de broodjes die de tafel naast ons geserveerd werden, zagen er goed uit. 



Om te gaan eten: Oishii (Alameda Urquijo 34)
Gek genoeg was ik deze trip het meest onder de indruk van een Thais restaurant, Oishii. En dus niet van de adresjes met pintxos, de Baskische hapjes. In Oishii zijn we per toeval op een middag beland. Het was er zeer druk en we konden enkel nog aan de toog van de sushibar eten. Ik at er zeebaars met een pittig sausje en dronk er een goeie Verdejo. Niet duur ook, zo'n 20 euro pp voor lunch en twee glazen wijn. De lekkerste pintxos aten we uiteindelijk op het zonnige terras van de bistro bij het Guggenheimmuseum.

Om te zien: Guggenheimmuseum ... én meer
Het Guggenheimmuseum is uiteraard een must. Ik was echt onder de indruk van het gebouw. Wij bezochten binnen de expo van Niki de Saint Phalle. Ik kende die vooral van de Nana’s, de kleurrijke beelden van ronde vrouwen, maar er was veel meer. Ik ontdekte er bijvoorbeeld dat Saint Phalle in de jaren zeventig een speelhuisje maakte in Knokke voor de kinderen van kunstschilder Roger Nellens. 
De expo ‘The 50s: fashion in France 1947-1957’ in het museum voor Schone Kunsten vond ik ook de moeite, met The New Look van Dior en de start van Yves Saint Laurent. Véél schone kleedjes…J 
En verder genoten wij vooral van het kuieren door het oude stadsgedeelte, met zijn steegjes, verborgen bars, de Plaza Nueva en het groene park met uitzicht op de stad.



Om te shoppen
Mooie multimerkenshops waren N32 (Calle Ledesma 32), Mongolia (Calle Arechaga 2,vlakbij onze favoriete bar Bihotz) en voor kinderkleding Little Store (Calle Ledesma). Wie houdt van prints, kleur en eigenzinnige snitten moet zeker ook eens een kijkje nemen bij de Baskische merken Zergatik (Calle Victor 4) en Skunkfunk (Calle Victor 5).En ja hoor, ook in Bilbao is er een COS en daar vinden wij altijd wel iets!



zaterdag 6 juni 2015

Vegetarische kookworkshop bij Miki Duerinck

Sinds ik in januari stopte met vlees eten, moet ik onder andere mijn moeder ervan overtuigen dat ik een normaal mens ben. Of toch niet minder normaal dan voordien. “Dat ik zo mijn best heb gedaan om u op te voeden, en dat ge dan moet eindigen als een vegetariër”, zegt ze half grappend, maar met een wantrouwige blik in de ogen. “Maar ik zie er toch gezond uit, ik draag nog altijd schone botjes én ik drink nog altijd”, antwoord ik dan, om haar gerust te stellen. “Ja, maar toch”, schudt ze vervolgens met haar hoofd. Voor haar zijn vegetariërs halfzachte mislukte wereldverbeteraars die zich enkel per bakfiets verplaatsen, het goede leven niet kennen, nog nooit in hun leven een glas te veel op hadden en in meer of mindere mate sociaal onaangepast zijn.
Complete onzin, vond ik. Tot ik enkele weken geleden deelnam aan een vegetarische kookworkshop van Miki Duerinck. Met twee vriendinnen had ik me ingeschreven voor een avond gezellig koken, cavaatje drinken, beetje tetteren, nieuwe veggie recepten leren en lekker eten. Geen klachten wat het eten of de recepten betreft, maar verder was die kookworkshop – om het met de woorden mijn lieve vriendin Lieselotte te zeggen – van begin tot eind een gemiste kans. Toen ik –weliswaar 3 minuten te laat – verwaaid Miki’s keuken binnenstrompelde (ik was met de fiets gekomen), stonden alle deelnemers al strak in het gelid rondom het kookeiland, zwijgend als een klas die zo meteen examen moet afleggen. Het was medeblogster Emilie die me bij de arm nam en me in het oor fluisterde “Ge moet uw handen wassen, daar” en me met een klopje op de rug richting aanrecht stuurde. Vervolgens diende ik plaats te nemen op een lege plek aan het eiland, achter een snijplankje. Ver van mijn twee vriendinnen en zonder cava of zelfs maar een glas water. (Ik had wel keiveel dorst van dat fietsen hé.)
Al snel werd duidelijk waaróm die plek leeg was gebleven. De jongeman naast me bleek een irritant wezen dat het nodig vond om me voortdurend te corrigeren. Pellen, snijden, schillen, op al die vlakken kon ik nog iets van hem leren, vond hij duidelijk. Ik probeerde hem achtereenvolgens te negeren, vervaarlijk te grommen en hem een van mijn befaamde vernietigende blikken toe te werpen, om tot slot gedecideerd te zeggen: “Nee, ik moet mijn look NIET pletten nadat ik hem heb fijn gesneden.” Hij keek ietwat verbaasd, maar bleef ook bij de volgende snijopdrachten verwoed instructies geven. Ruim twee uur duurde het voor die hele verdomde Indonesische rijsttafel was fijngesnipperd, aangestoofd en gefrituurd. Maar om half tien konden we eindelijk aan tafel. “Ha, wijnglazen!” verzuchtten mijn vriendinnen en ik opgelucht tegen elkaar. Miki moet ons gehoord hebben, want precies op dat moment zette ze enkele kannen kraantjeswater op tafel. “Wie wijn wil drinken, die kost twintig euro extra dus je kan eventueel samenleggen voor een fles”, deelde ze mee, om vervolgens zelf weer in haar keuken te verdwijnen. Er moest natuurlijk een strakke timing worden aangehouden. En de afwas hadden wij dan wel gedaan, de potten moesten nog opgeborgen worden en het groenteafval moest dringend naar de composthoop gebracht. Voor de wijn was er – buiten ons drieën – maar één andere kandidaat: mister contactgestoord. Wijn drinken, dat is blijkbaar toch niks voor vegetariërs. Gezelligheid en genieten ook niet, want na circa twintig minuten verscheen Miki opnieuw aan tafel. “Gaan jullie nu jullie potjes vullen in de keuken, dan kunnen we stilaan afronden.” Het schema, weet je wel. Nog geen tien minuten later stonden we buiten verweesd met onze ogen te knipperen, en daarna hebben we een kwartier de slappe lach gehad. Nee, echte vegetariërs zullen we nooit worden.

Het kookeiland

Tempehburgers

Tafel mét wijnglazen maar zonder wijn

Indonesische rijsttafel

dinsdag 19 mei 2015

Healthy lunch vs. boterhammen met kaas: 1-0

Bij coworking LikeBirds - waar ik zowat één keer per week het gezelschap van andere freelancers/ondernemers opzoek - stond gisteren een workshop van FoodLove, een start-up rond gezond eten, op het menu. Gezond of niet, als het is om te eten, ben ik er graag bij. Dus schoof ik mee aan tafel voor een healthy, energizing en easy lunch … om te ontdekken dat mijn eetgewoonten helemaal fout zijn. Een easy lunch is voor mij een snelle boterham met kaas of een opgewarmd overschotje – pasta meestal, met véél parmezaan - van de avond voordien. Maar kaas, dat blijkt gezond noch energizing, al helemaal niet in combinatie met boterhammen of pasta. Hesp - wat ik sowieso niet eet - trouwens ook niet, en zelfs mager kippenwit blijkt te mijden als je een vlotte vertering en meer energie wilt.
Gelukkig zijn er ook nog dingen die je wél energie geven: groene smoothies (nooit geprobeerd, klinkt niet erg tempting), groenten (oef, dat eet ik graag), geitenkaas, peulvruchten, plantaardige melk en fruit. Met die gezonde producten gingen we gisteren aan de slag om vegetarische wraps te maken. Glutenvrij met een blaadje ijsbergsla of nori, of gewoon met een volkorentortilla. Daarop smeer je wat hummus of een halve avocado, daarna vul je de wrap met rauwe groenten, wat stukjes falafel, en sojasaus, tamari of een andere gezonde dressing. Nori vind ik best lekker in sushi, maar deze keer hield ik het toch bij de tarwetortilla’s. Ik werkte er twee naar binnen: eentje met hummus, de andere met avocado, telkens met groenten en falafelballetjes. Lekker, en het is eens iets anders dan boterhammen met kaas. Ik had inderdaad ook genoeg gegeten om nog een middagje productief verder te werken. Healthy lunch vs. boterhammen met kaas: 1-0. Pasta, kaas (en wijn?!) vanaf nu uit mijn menu schrappen ben ik niet van plan en het is volgens Stefanie ook niet nodig. Zij volgt de 80/20-regel: 80% van de tijd eet ze super (super!) puur en gezond, de andere 20% is voor restaurantbezoeken en etentjes. Bij mij zal het eerder blijven bij een gezonde lunch op zijn tijd en veel groenten in de pasta. De rest compenseer ik wel met een extra sportsessie … dat geeft ook energie.

Healthy food buffet @LikeBirds

Falafelballetjes
Nori met avocado: het glutenvrije alternatief
Mijn volkorentortilla met avocado, falafel en groenten